Vaccinaties

Vaccinatie en gezond op reis

Op reis gaan brengt altijd extra gezondheidsrisico’s met zich mee. Zeker in een land als Nepal dient u zich hiervan goed bewust te zijn! Het verdient dan ook aanbeveling onderstaande informatie eens goed te lezen en te zorgen voor de juiste bescherming tegen de genoemde ziektes (tijdige vaccinatie, medicijnen, voedingshygiene).
Ons advies luidt
Vaccinatie tegen buiktyfus, hepatitis A en DTP zijn absoluut noodzakelijk, medicatie tegen malaria is optioneel. Iedere deelnemer moet hierover zelf een besluit nemen waarbij hij de risico’s op besmetting afweegt tegen de (chemische) belasting van het lichaam door het langdurig innemen van anti-malariatabletten. Tijdens de kennismakingsdag voorafgaande aan de reis kan hierover uitgebreid van gedachten worden gewisseld. Je hebt dan nog tijd genoeg een eventuele kuur aan te schaffen.
.
1. DTP: voor een DTP vaccinatie wordt een beschermingsduur van 10 jaar aangehouden. Voorwaarde is wel dat je ooit een serie van 3 vaccinaties tegen DTP hebt gehad. Wanneer de DTP vaccinatie langer dan 10 of 15 jaar geleden heeft plaatsgevonden, moet je een herhalingsvaccinatie halen.
2. Hepatitis A: het vaccin, waarbij je lichaam zelf antistoffen aanmaakt, is 1 jaar geldig. Bij herhaling na 1 jaar is het vaccin 25 jaar geldig.
3. Tyfus: vaccinaties tegen tyfusbesmetting zijn 3 jaar geldig.
.
Neem 4 tot 6 weken voor vertrek contact op met de GGD.
.
Algemene informatie:
Inzichten en protocollen m.b.t. (infectie)ziekten veranderen voortdurend.
Op www.infectieziekten.info is per infectieziekte een duidelijk overzicht te vinden van de nieuwste richtlijnen.
Op www.gezondopreis.nl is een beknopte uitleg te vinden over enkele specifieke reisziekten en tevens adressen t.b.v. vaccinaties (raadpleeg GGD).
Op www.travelmarker.nl/reistips/gezondheid/checklist.htm vind je een uitgebreide checklist met eventueel mee te nemen middelen op medisch gebied.
Travel Clinic, vaccinatie advies: http://www.travelclinic.com/252/nepal.htm
Zie ook het Ciwec-advies voor Malaria in Nepal: http://www.ciwec-clinic.com/immune/malaria.html
1. Buiktyfus (vaccinatie!)
2. Hepatitis A (vaccinatie!)
3. DTP (vaccinatie!)
4. Malaria (tabletten) / Noodmedicatie
5. Diarree
6. Hoogteziekte
7. Algemene medische tips
1. Wat is Buiktyfus?
Buiktyfus (typhoid fever / febris typhoidea) is een bacteriële infectieziekte die ernstig kan verlopen. De verwekker is Salmonella Typhi. Besmetting treedt op door het nuttigen van besmet voedsel, water of melk. De bacterie wordt uitgescheiden in de ontlasting en urine van besmette mensen. Vliegen en andere insecten kunnen de verwekker van de ontlasting op voedsel overbrengen. 3-21 dagen na besmetting treedt de ziekte op (=incubatieperiode). 2-5 % van de mensen blijft langdurig (langer dan 6 maanden) de bacterie uitscheiden. Zij blijven dus langdurig besmettelijk en worden dragers genoemd.
Wat zijn de verschijnselen?
De ziekte kan sluipend beginnen met toenemende koorts, verminderde eetlust, malaise en vage buikpijn. Meestal is er sprake van obstipatie die later kan overgaan in diarree. Sufheid kan optreden. Sommige patiënten hebben last van hoesten. Op de buikhuid kunnen rode vlekken ontstaan. Er kunnen ernstige complicaties optreden: longontsteking, botontsteking of darmperforatie met bloedingen. Bij kinderen jonger dan 2 jaar verloopt de ziekte in het algemeen mild.
Vaccinatie
Om de kans om buiktyfus op te lopen zo klein mogelijk te maken is het belangrijk dat u de hygiënemaatregelen wat betreft voedsel en toiletbezoek goed in acht neemt. Vaccinatie kan geschieden door middel van een injectie of het innemen van capsules maar geeft geen 100% garantie. Blijf altijd letten op de preventieve maatregelen!
2. Wat is Hepatitis A?
Hepatitis A is een ontsteking van de lever die veroorzaakt wordt door een virus. Het virus wordt overgedragen door met ontlasting besmet voedsel en drinkwater. De ziekte kan enkele weken duren en veroorzaakt bij oudere kinderen en volwassenen geelzucht. Bij kleine kinderen verloopt de ziekte vaak ongemerkt maar zij zijn wel besmettelijk voor anderen. Hepatitis A wordt ook wel besmettelijke geelzucht genoemd.
In Nederland komt hepatitis A regelmatig voor; in landen rondom de Middellandse Zee en in (sub)tropische landen komt hepatitis A vaker voor dan in Nederland. In die landen is de kans op het oplopen van de ziekte groot, daarom wordt bescherming tegen hepatitis A aanbevolen. Een serie van twee vaccinaties geeft bescherming gedurende minstens 10 jaar.
.
Hoe is het verloop van hepatitis A?
Het hepatitis A virus zit in de lever en ontlasting van iemand die besmet is. Bij toiletgebruik kunnen de toiletbril, de spoelknop en andere voorwerpen besmet raken. Door contact met deze voorwerpen kan het virus op de handen komen en daarna in de mond terechtkomen. Via de handen kan het virus ook op eetgerei en eten terecht komen.
Ziekteverschijnselen
Er kan moeheid, misselijkheid en gebrek aan eetlust ontstaan. De ontlasting kan lichter van kleur worden (stopverfkleur) en de urine kan donker van kleur worden (kleur van sterke thee). Het oogwit en de huid kunnen een gele kleur krijgen.
Wanneer er ziekteverschijnselen ontstaan, treden die meestal 2 tot 6 weken op na de besmetting.
Hepatitis A geneest binnen enkele weken tot drie maanden. De vermoeidheid kan een langere periode aanhouden.
Mensen met het hepatitis A virus kunnen anderen besmetten. Mensen die ziek worden van hepatitis A zijn al een week besmettelijk voordat ze koorts hebben of een gele huid hebben. Ze blijven besmettelijk tot een week na het begin van de ziekte. In deze periode bevat de ontlasting de grootste hoeveelheid van het virus. Bij anderen, en vooral bij kinderen, treden er geen ziekteverschijnselen op. Maar zij zijn wél besmettelijk voor anderen. Door de ziekte ontstaat immuniteit. Mensen kunnen de ziekte maar één keer krijgen.
Maatregelen om Hepatitis A te voorkomen
U kunt het risico om hepatitis A op te lopen verkleinen door hygiënemaatregelen wat betreft voedsel en na toiletgebruik goed in acht te nemen. Op reis is dit niet altijd afdoende; daarom wordt een vaccinatie tegen hepatitis A aanbevolen.
Vaccinatie
Er zijn twee manieren om tegen Hepatitis A beschermd te worden: passieve immunisatie (werkt kortdurend) en actieve vaccinatie (langdurige bescherming). Bij de meeste reizigers adviseren wij de langdurige bescherming omdat deze veiliger is en meer bescherming geeft.
Passieve immunisatie (kortdurende bescherming)
Immunoglobulinen zijn antistoffen die bereid zijn uit bloed van mensen die Hepatitis A op natuurlijke wijze hebben doorgemaakt. Uit voorzichtigheid wil men in het algemeen het gebruik van menselijke bloedprodukten vermijden. Met deze injectie wordt een bescherming van ongeveer 95% bereikt. De duur van de bescherming is ongeveer 1 maand.
Actieve immunisatie (langdurige bescherming)
Toedienen van het Hepatitis A vaccin zorgt ervoor dat het lichaam zelf antistoffen tegen Hepatitis A aanmaakt. Na de eerste injectie (in de bovenarm) bent u 1 jaar beschermd; wanneer deze injectie na minimaal 6 maanden wordt herhaald, bent u minstens 10 jaar beschermd .
Ook zwangeren en kinderen > 2 maanden kunnen veilig gevaccineerd worden. Bij kinderen onder de 5 jaar kan overwogen worden om niet te vaccineren omdat de infectie bij hen geen tot zeer milde verschijnselen geeft. Wanneer kinderen een kinderdagverblijf of peuterspeelzaal bezoeken wordt vaccinatie tegen hepatitis A aanbevolen omdat zij anders terug in Nederland een epidemie(tje) kunnen veroorzaken.
Wanneer ook bescherming tegen hepatitis B wordt aanbevolen is een combinatievaccin tegen hepatitis A en B beschikbaar.
3. Wat is DTP?
In Nederland worden alle kinderen gevaccineerd tegen difterie, tetanus en polio met het DTP-vaccin. Dit heeft als resultaat gehad dat in Nederland deze ziekten niet of nauwelijks meer voorkomen. Voor een aantal gebieden (Afrika, Azië, Zuid-Amerika en delen van Oost- Europa) geldt dit echter niet.
.
Difterie
Difterie is een ziekte waarvan de verschijnselen kunnen variëren van heel licht tot zeer ernstig. Het wordt van de ene op de andere persoon overgebracht via druppeltjes vanuit de neus- en keelholte die bij praten, hoesten en niezen in de lucht komen. Vaak staat een keelontsteking op de voorgrond.
Er kunnen ernstige complicaties optreden aan luchtwegen, hart en zenuwstelsel. In Europa komt difterie voor in Turkije en een aantal Oost-Europese landen. Ook buiten Europa komt nog veel difterie voor, met name in Zuid- Amerika en Azië.
Tetanus
Tetanus is een levensbedreigende ziekte. De veroorzakende bacterie komt voor in straatvuil, in de bovenste grondlagen en in mest. Via wondjes kan de bacterie in het lichaam komen en van daaruit de ziekte veroorzaken. De eerste verschijnselen zijn niet kenmerkend. Vrij snel treedt algemene spierstijfheid op waardoor uiteindelijk de ademhaling bemoeilijkt wordt. Inenting tegen tetanus wordt ook gegeven na verwondingen, na een hondenbeet of aan mensen met een brandwond.
Polio
Poliomyelitis(kinderverlamming) is een virusziekte die in Nederland alleen nog voorkomt tijdens epidemieën onder personen die niet zijn ingeënt. In Afrika en Azië komt polio nog regelmatig voor. Polio wordt overgebracht via druppeltjes die bij praten, hoesten en niezen in de lucht komen. Onder minder hygiënische omstandigheden kan het virus ook via de ‘hand-mond-route’ overgebracht worden.
De meeste mensen die in aanraking komen met het virus worden niet ziek maar kunnen de ziekte wel verder verspreiden. De ziekte begint als een griepje. Vaak blijft het daar ook bij maar in een aantal gevallen ontwikkelen zich verlammingsverschijnselen aan benen, armen en romp. Heel gevaarlijk zijn de verlammingen aan de slik- en ademhalingsspieren.
Vaccinatie
Een basisserie van 3 inentingen biedt tenminste 15 jaar bescherming. De meeste mensen die na 1950 in Neder land zijn geboren hebben als kind de basisserie gehad. Na deze serie inentingen wordt voor reizigers naar bestemmingen buiten West-Europa, Noord-Amerika en Australië geadviseerd om, als de laatste inenting 15 jaar of langer geleden is, één herhalingsinenting te halen. Deze injectie verlengt de bescherming met tenminste 15 jaar. Voor een aantal gebieden in Oost- Europa geldt een beschermingsduur van 10 jaar.
Wanneer u als kind niet bent ingeënt is het raadzaam dat u zich driemaal laat vaccineren, tweemaal voor de reis met minstens een maand ertussen en een derde maal ten minste zes maanden na de tweede vaccinatie. Daarna bent u ook 15 jaar beschermd.
Als u een wond oploopt met straatvuil is het verstandig om toch in het ziekenhuis of bij uw huisarts een injectie tegen tetanus te halen als de DTP-vaccinatie langer dan 1 jaar geleden gegeven is. Dit omdat de blootstelling aan de tetanusbacterie dan erg hoog is.
Personen die binnen korte tijd veel tetanusvaccinaties hebben ontvangen kunnen een overgevoeligheidsreactie op het tetanusdeel van het DTP-vaccin ontwikkelen. Voor hen kan worden gekozen om alléén poliovaccin toe te dienen.
4. Wat is Malaria?
In het gebied waar u naar toe gaat kan Malaria voorkomen (Malaria is de laatste 8 jaar niet meer geconstateerd…). Malaria is een infectieziekte die wordt veroorzaakt door een Malariaparasiet. De parasiet wordt overgebracht door de steek van een Malariamug. Ongeveer 8-10 dagen na de steek kunnen de eerste verschijnselen optreden zoals koorts, koude rillingen, spierpijn en hoofdpijn. Vaak gaan deze verschijnselen gepaard met een grieperig gevoel.
Er zijn vier verschillende vormen van Malaria. Malaria tropica is de meest gevaarlijke vorm en kan onbehandeld zelfs tot de dood leiden. De andere vormen zijn ‘goedaardig’, maar kunnen nog maanden tot enkele jaren later Malaria-aanvallen veroorzaken.
Hoe kunt u Malaria voorkomen?
U kunt Malaria voorkomen door u te beschermen tegen muggenbeten (algemene maatregelen) en door het gebruik van antimalariamiddelen. Welk ‘Malariatablet’ voor u het beste is hangt af van uw eigen gezondheidstoestand, het gebied waar u naar toe gaat, het seizoen en de verblijfsduur. Het is belangrijk dat u de anti-malariatabletten gedurende de hele voorgeschreven periode gebruikt; dus ook nog na vertrek uit het malariagebied. Anders loopt u toch nog risico om Malaria te krijgen.
Algemene maatregelen
De Malariamug steekt vanaf zonsondergang tot zonsopgang. Gedurende deze periode kunt u zich beschermen tegen muggenbeten door bedekkende kleding (lange broek, lange mouwen, sokken en schoenen) te dragen. Onbedekte huid moet u insmeren met een muggenmiddel dat DEET als werkzame stof bevat. Slaap onder een geïmpregneerde klamboe en gebruik, indien mogelijk, de airconditioning.
Hoe merkt u dat u toch Malaria hebt opgelopen?
Tijdens u reis kunt u, ondanks alle voorzorgsmaatregelen en het slikken van anti-malariatabletten, toch Malaria oplopen. Als u koorts of ‘griep’ krijgt die langer dan 2 dagen aanhoudt, beschouw dit dan als Malaria tot het tegendeel bewezen is. U moet een arts raadplegen.
Als u na terugkomst in Nederland koorts krijgt, vermeld dan aan uw arts dat u in de tropen bent geweest.
Paludrine
U kunt ter bescherming tegen Malaria het middel proguanil (= Paludrine) voorgeschreven hebben gekregen.
Op de dag van vertrek naar het Malariagebied begint u de Paludrine te slikken: 1 tablet ‘s ochtends en 1 tablet ‘s avonds.
De tabletten moet u iedere dag blijven slikken tot en met vier weken na het verlaten van het Malariagebied. U kunt de tabletten het beste na de maaltijd innemen. Blijf de tabletten doorslikken, ook als u diarree heeft.
Wanneer u moet braken binnen 2 uur na inname van de tablet kunt u het beste een tablet extra innemen. Paludrine mag tijdens de zwangerschap gebruikt worden.
U mag  Paludrine niet gebruiken wanneer u ernstige nierfunctiestoornissen heeft.
Bijwerkingen kunnen zijn: Aften (= pijnlijke zweertjes in de mond), tijdelijk haaruitval.
Mocht u klachten krijgen welke u in verband brengt met de Paludrine, wilt u dan na terugkomst contact opnemen met de GGD.
Noodmedicatie Malaria bij volwassenen
Indien preventief geen antimalariamiddelen zijn gebruikt en men wordt toch gestoken door een Malariamug dan bestaat de noodmedicatie uit het innemen van een combinatie van de volgende medicijnen:
1. atovaquon-proguanil 1dd 1000mg (= 4x tabl. a 250mg) gedurende 3 dagen; innemen met vetrijk voedsel of zuiveldrank
2. kinine 3 dd 600mg (=3x dragee a 200mg) gedurende 7 dagen; innemen na de maaltijd
3. doxycycline 1 dd 100 (=1x tablet a 100mg) gedurende 7 dagen
Nogmaals de belangrijkste preventieve maatregelen
- na zonsondergang lange mouwen/broek
- schoenen en sokken aan
- antimuggencreme met Deet
- klamboe zonder gaten en liefst geimpregneerd; ook overdag dicht laten!
- indien airco op hotelkamer: aan! Ook ventilator: aan!
- preventieve middelen vergelijk voorschrift GGD (bijvoorbeeld Paludrine).
5. Diarree
Eén van de meest voorkomende vakantiekwalen is reizigersdiarree. De ontlasting is dan waterig en gaat soms gepaard met buikkrampen, misselijkheid, braken of temperatuurverhoging. Ondanks dat men vaak de oorzaak legt bij het andere klimaat of het andere eten, zijn het veelal de bacteriën in het voedsel of het drinkwater die de diarree veroorzaken. Ook kunt u diarree krijgen door te zwemmen in verontreinigd water. Door andere hygiënische omstandigheden en het warme klimaat kunnen bacteriën zich snel vermenigvuldigen. De lokale bevolking is vaak gewend aan deze bacteriën maar u kunt er ziek van worden. Reizigersdiarree is meestal na 3 tot 5 dagen over. Het belangrijkste gevaar bij diarree is uitdroging. In warme landen gaat uitdrogen sneller doordat men meer transpireert.
Uitdroging kan vooral voor kinderen en ouderen levensbedreigend zijn. Let er dus op dat u genoeg drinkt, zeker als u diarree heeft. U kunt zich hiertegen niet laten vaccineren, maar u kunt wel goed opletten hoe en wat u eet en drinkt.
Het risico om diarree te krijgen wordt dan kleiner.
Hoe voorkomt u reizigersdiarree?
- Was uw handen regelmatig met zeep, vooral vóór en na het gebruik van het toilet, voor u gaat koken en voor u gaat eten.
- Gebruik een schone handdoek of schud de handen droog.
- Gebruik geen kraanwater en geen ijsklontjes in consumpties. Wel kunt u mineraalwater uit verzegelde flessen, frisdranken, bier, thee, koffie en gekookt water gebruiken.
- Eet geen rauwe of onvoldoende verhitte producten (vlees, vis, kip, schaal-, schelpdieren en garnalen, groente).
- Eet geen rauwkost of fruit dat gewassen is in verontreinigd water. Schil fruit altijd zelf.
- Let op met ijs: eet geen onverpakt ijs. Houd rekening met sneller bederf van voedsel.
- Poets uw tanden liever niet met kraanwater. Zwem niet in meertjes, beekjes of riviertjes.
6. Wat is Hoogteziekte
Hoogteziekte (ook genoemd: Acute Mountain Sickness, afgekort AMS) kan optreden bij mensen afkomstig uit het laagland die tot boven 2500 meter stijgen. Hoe sneller u stijgt, hoe groter het risico is dat u hoogteziekte krijgt.
.
Wat is de oorzaak?
Op grote hoogte is er minder zuurstof in de lucht dan op zeeniveau. Door het afnemen van de hoeveelheid zuurstof ontstaat er zuurstoftekort in de weefsels (cellen). Dit betekent dat u boven 2500 meter hoogte sneller moet ademhalen om per minuut dezelfde hoeveelheid zuurstof binnen te krijgen als op zeeniveau. Door het sneller ademhalen (hyperventilatie) wordt te veel kooldioxyde (koolzuurgas) uitgeademd met als gevolg een verlaagd kooldioxydegehalte in het bloed. Pas na enkele dagen kunnen de nieren het tekort aan kooldioxyde compenseren. In de tussentijd gaat u door tekort aan kooldioxyde juist langzamer ademen. Ook ‘s nachts tijdens de slaap ademt u doorgaans langzamer dan overdag. Er kan dan een tekort aan zuurstof ontstaan. Het zuurstoftekort in het bloed is verantwoordelijk voor de klachten bij hoogteziekte.
.
Wat zijn de klachten?
Klachten kunnen zijn: hoofdpijn, spierzwakte, misselijkheid, moeheid, braken, slapeloosheid, verminderde eetlust, hartkloppingen, verminderde urineproduktie, beklemd gevoel op de borst. De klachten die horen bij hoogteziekte ontstaan na een verblijf van enkele uren tot zelfs enkele dagen op grote hoogte. Als u zich niet overdreven inspant en op dezelfde hoogte blijft, verdwijnen de klachten in de regel binnen drie tot zeven dagen. Toch kunnen zich twee ernstige vormen van hoogteziekte ontwikkelen die levensbedreigend kunnen zijn: longoedeem en hersenoedeem. Bij een longoedeem hoopt zich vocht op in de ruimten tussen de longblaasjes. Dat verstoort de zuurstofuitwisseling tussen de ingeademde lucht en het bloed. De klachten tengevolge van longoedeem zijn: ademnood bij inspanning en bij rust, ernstige vermoeidheid, droge en aanhoudende hoest, een blauwe verkleuring van de lippen, het ophoesten van rozig slijm en in het ernstigste geval bewusteloosheid (coma) en zelfs de dood. Bij een hersenoedeem komt er steeds meer vocht tussen de hersencellen en de bloedvaten. Hierdoor wordt de druk in de schedel hoger. De volgende klachten treden op: hoofdpijn die niet reageert op pijnstillers, problemen met het zien, sufheid, verwardheid, gestoord gedrag, duizeligheid, braken, een wankel looppatroon en een verlaagd bewustzijn. Tenslotte kunt u buiten bewustzijn raken of zelfs overlijden.
.
Hoogteziekte kunt u voorkomen door
1.Langzaam te stijgen; niet meer dan 300 meter per dag (zeker boven de 3000 meter).
2.Na elke 1000 meter stijgen een dag rust in te lassen.
3. Te slapen op een lager niveau dan de hoogte die u overdag bereikt.
4. Voldoende te drinken (alcoholvrij) om uitdroging te voorkomen.
5. In een goede conditie aan de hoogte-expeditie te beginnen.
6.Indien u hart- en/of longklachten heeft met uw huisarts te overleggen of het verstandig is om aan een hoogte-expeditie deel te nemen Als u in het verleden klachten van hoogteziekte heeft gehad, is profylaxe met behulp van acetazolamide (Diamox) te overwegen. Acetazolamide is een middel dat de ademhalingsfrequentie stimuleert. Het kan onder voorbehoud gebruikt worden. Het geeft vervelende bijwerkingen en is zeker niet geschikt voor iedere reiziger. Dit middel camoufleert de symptomen van hoogteziekte en mag dus alleen worden voorgeschreven aan ervaren bergbeklimmers. Acetazolamide is op recept verkrijgbaar.
.
Wat kunt u doen bij klachten?
Een afdaling van enkele honderden meters doet meestal de klachten verdwijnen. Vallen de klachten mee dan kan verder worden volstaan met rust, ruim drinken en eventueel Paracetamol tegen de hoofdpijn. De tocht kan na enkele dagen worden voortgezet. Bij ernstige klachten is een snelle afdeling van 500 tot 1000 meter en medische behandeling noodzakelijk. Daarnaast is het belangrijk om eerst twee dagen te acclimatiseren voordat u gaat klimmen. Reizigers willen de eerste symptomen van hoogteziekte nogal eens onderschatten of ontkennen. Men wil met de groep mee. Het is belangrijk dat groepsleden elkaar onderling wijzen op symptomen van hoogteziekte. Reisleiders moeten altijd een scenario hebben voor onmiddellijke afdeling wanneer iemand getroffen wordt door hoogteziekte.
7. Algemene medische tips
Het allerbelangrijkste is dat je je gezonde verstand gebruikt en geen onnodige risico’s neemt.
Vooraf
Denk aan de vaccinaties: hepatitis A, tyfus en DTP via de GGD of huisarts.
Malaria profylaxe: alleen eventueel nodig in de Terai d.w.z. Zuid Nepal, de laaggelegen gebieden: Paludrine 200 mg per dag.
Reis
Mensen die gevoelig zijn voor een jetlag kunnen overwegen om Melathonine te slikken 5 mg op de lokale bedtijd. Op de dag van vertrek beginnen en 4 dagen doorgaan.
Verblijf
Diarree/infectieziekten
Preventie: vuistregel BAKSLA: bakken, koken, schillen of laten staan.
Drink uitsluitend gebotteld of gesteriliseerd water, Iet op dat het zegel (of dop) van de fles niet is verbroken.
Behandeling: ORS zoveel mogelijk van drinken, zakjes poeder uit Nederland meenemen, eventueel fanta of cola is steriel.
Imodium/Diacure/Loperamide: zo min mogelijk gebruiken. Legt de darmen lam. Alleen in nood bijvoorbeeld als je moet reizen.
Tannalbin: licht stoppend middel; kun je gebruiken.
Giardia Lamblia: dit is een darmparasiet die nogal eens in Nepal voor komt. Gaat gepaard met buikpijn en diarree. Als je in Nederland terug bent en je blijft maar last houden kan je huisarts dit in de ontlasting laten onderzoeken. Dit is een goed behandelbare aandoening (met Metronidazol).
Malaria: alleen in de Terai. Koorts, spierpijn en hoofdpijn.
Bij noodbehandeling: Malarone 4 tab 1xd gedurende 3 dagen liefst na consult van een arts.
Een goed muskietennet is aan te raden bijvoorbeeld van Tropenzorg en een goed insektenwerend middel met minstens 40 % DEET.
Hoogteziekte
Voor degenen die nog wat gaan trekken. Kan al optreden boven de 2500 meter en bij zeer gevoeligen zelfs al bij 2000 m. Dit treedt op 6-8 uur na de start als je op hoogte blijft slapen. Wordt veroorzaakt door het zuurstof tekort in de lucht. Eerste symptoom is vrijwel altijd hoofdpijn, verder misselijkheid, slapeloosheid, duizelig en ernstige vermoeidheid.
Neem dit serieus. Het kan uit de hand lopen en tot hersen- en longoedeem en sterfte leiden .
Voorkomen: Vermijd snelle stijging naar hoogten boven de 2500 meter. Daarboven niet meer dan 300 m per dag stijgen. Veel drinken. Geen alcohol en niet roken.
Behandeling: Niet verder stijgen. Bij lichte hoofdpijn Paracetamol. Als het niet reageert afdalen minstens 300 meter. Na 1-2 dagen rust en klachtenvrij kan je weer omhoog. Medicijnen als Diamox, Nifedipine en Dexametason na alleen overleg met een arts.
Wondjes
Door zuurstoftekort slechtere wondgenezing, dus hogere infectiekans. Wonden desinfecteren en steriel afdekken. Neem een klein EHBO doosje mee.
Dengue
Knokkelkoorts II een griepachtig beeld met plotselinge koorts. Gedurende 3-5 dagen spier-en gewrichtspijn en hoofdpijn. Je kunt daarna heel lang moe blijven. Veroorzaakt door een virus dat wordt overgebracht door muggen die overdag steken (de Malariamuskiet ) met name in regenachtige omstandigheden. Dus overdag ook beschermen tegen muggensteken met DEET houdende middelen bijvoorbeeld door Tropenzorg. Er is verder geen behandeling voor.
UV/infrarood
Op hoogte veel snellere kans op verbranding. Bescherming met kleding is het beste.
Zonnebrandmiddel met factor 15 is voldoende bescherming tegen UVA en UVB.
Hogere factor geeft grotere kans op overgevoeligheidsreacties en lager is niet voldoende.
Hoofd en nek bedekken en uitrusten in de schaduw. Denk aan extra vochtverlies door transpireren en hoogte !! Extra zout aan te raden is Isotone vloeistof bijvoorbeeld Isostar.
Lippenbalsem gebruiken.
Draag kleding in lagen aangezien de temperatuur zeer kan verschillen.
Contactlensdragers
Boven de 2000 meter;
Zachte: drogen uit! Dus niet aan te raden. Boven de 2500 meter in ieder geval een bril dragen.
Harde: kan eventueel wel maar meteen uitdoen bij klachten. Er kan veel stof zijn en ook dan preventief uitdoen en bril dragen.
Heb je ooit een oogoperatie ondergaan, overleg dan met de oogarts of je de bergen in kunt.

Comments are closed.